Quote

“I'd rather regret the things that I have done than the things that I have not.”
― Lucille Ball

Wednesday, June 3, 1998

Kort bezoek aan Jakarta 1998 (Deel 1)

Lepangan Merdeka 
(independence square or vrijheidsplein) 

Deel 1

Introduction

This is a series of four posts about my visit to Indonesia in April and May 1998. The original text was published many years ago on a forum for Dutch nationals interested in Indonesia. As the forum is non existent anymore or they removed the text, I decided to re-publish it again on my own blog. This allows me to link it with another series of posts, which I am currently writing regarding my late father under the (translated) title: "Meeting my father's working past". 

The date of publication is backdated to reflect the time of writing the text (if blogger.com allows me to do so).

As the original text was written in Dutch, this series of four posts is in Dutch as well. 

Ga naar Deel 2


Inleiding


Dit is een serie van vier delen over mijn bezoek aan Indonesie in april en mei 1998. Deze tekst heeft ooit op een forum gestaan van Nederlandse geinteresseerden in Indonesie. Inmiddels bestaat het forum niet meer of de tekst is verwijderd. Het leek mij een goed idee de tekst wederom te publiceren, maar nu op mijn eigen web blog. Hiermee kan ik ook direct de link leggen naar een andere reeks posts die ik nu schrijf betreffende mijn vader, getiteld:."Ontmoetingen met mijn vader's verleden". 



Aanleiding


Als Global Millennium programma directeur (zie noot) binnen mijn bedrijf (Origin B.V.), was het noodzakelijk een aantal regionale bijeenkomsten te organiseren om het uitgestippelde beleid verder uit te dragen en vast te stellen of er in de diverse regio's voortgang werd gemaakt. Voor Asia-Pacific zou ik Hong Kong en Singapore aandoen, samen met een collega, directeur (Frans Lefèvre) van de service-line MillenniuM. Uiteindelijk werd besloten de twee locaties te concentreren, op mijn verzoek werd dat Singapore. 

Het zou misschien de mogelijkheid geven Jakarta, mijn geboortestad, kort aan te doen. Ter voorbereiding heb ik wat foto-materiaal verzameld bij mijn ouders uit het Indisch fotoboek en de adressen van de twee huizen waar ik gewoond heb. 

Noot:
Millennium was de naam van de problematiek die vele computerapplicaties zouden treffen bij de Millennium overgang van 1999 naar 2000 en tevens de service (MillenniuM geheten) die Origin leverde aan klanten intern en extern, om de problematiek op te lossen voordat het probleem zich zou openbaren op 1 januari 2000. Global Millennium was het project dat gestart werd om in alle Origin vestigingen wereldwijd het millenium probleem aan te pakken.

Woensdag 29 april 1998


Singapore, hotel Pan Pacific. Frans heeft zich verslapen, mogelijk toch de whisky van de gezellige voorgaande avond na de succesvolle afsluiting van de Millennium meeting. Ik ontbijt dus alleen, bel Frans uit zijn bed, neem afscheid en vertrek per taxi naar de luchthaven. De chauffeur vertelt dat te hard rijden een fikse boete oplevert en 6 strafpunten. Met 12 punten ben je je rijbewijs voor een jaar kwijt. Vrachtwagens (van’s) mogen maar 60 rijden en hebben een geel zwaailicht op het dak dat gaat branden als de snelheidslimiet wordt overschreden. Ze zijn dan van verre te zien. Een overgereguleerd land en ben benieuwd wat ik in Indonesië aantref.

De vlucht met Singapore Airlines begint spannend. De stewardessen zijn een plaatje. Allemaal hetzelfde slanke figuur, rond de twintig of jonger (denk ik) en een prachtige gekleurde sarong naar Frans ontwerp. De kleur van de sarong geeft de rang aan. Ze zijn aardig maar vreselijk streng. De glimlach is gemaakt, maar staat erg goed. Alles tijdens de vlucht is perfect geregeld en geregisseerd. Op een Europese vlucht van anderhalf uur krijg je niet zo’n uitgebreide warme maaltijd in de economy class.

We vliegen langs de kust van Sumatra en je kunt prachtige tropische eilandjes met palmen en zandstranden voor de kust zien liggen. We naderen de kust van Java ten westen van Jakarta. Er stroomt een brede grijs-gele rivier de Javazee in. Bij de afdaling vliegen we vlak langs een oude campong (kampung) en passeren vervolgens een nieuwbouwwijk in Indonesische stijl. Als we aan de pier staan valt mij op dat er vrijwel geen vracht wordt uitgeladen, waarschijnlijk omdat er door de economische crisis weinig wordt ingevoerd. Het laden van vracht verloopt chaotisch. Containers gaan het vliegtuig in en komen er even later weer uit, worden even gestald om een andere container te kunnen laden en gaat er dan alsnog in. Mogelijk wordt dit gedaan om de containers in de juiste positie te zetten voor het uitladen bij de volgende stop. Ik hoop dat ze niet vergeten het beladingsplan voor de kist aan te passen.

Dan zet ik voor het eerst na 47 jaar voet op Javaanse bodem. De aankomsthal is in Indonesische stijl. Het is tamelijk warm en de rijen voor de douane zijn lang. In een hokje zitten een aantal ambtenaren te roken - is overigens verboden - maar ze maken geen aanstalten hun collega’s te helpen. Het blijft dus bij twee rijen. Het lijkt wel een timmerwerkplaats, zo hard wordt er gestempeld. Toen ik de douane eenmaal gepasseerd was begon het pas echt. In de aankomsthal was het een drukte van belang. Een hele menigte taxi chauffeurs en dragers kwam op mij afgerend. Ik moest echter eerst nog geld wisselen en wilde dat in alle rust doen en vervolgens de gulden-rupia verhouding in mijn hoofd stampen alvorens tot zaken te komen.

Eén chauffeur was erg vasthoudend en sprak een beetje Nederlands. Ik vroeg hem of hij mij een goedkoop hotel kon bezorgen. Dat was geen probleem, voor 75 wilde hij dat wel doen. Het hotel kostte US$ 20 tot 25. Dat had ik ook als budget in gedachten en voor Rp. 75.000 moest het dan maar gebeuren. Ondertussen had een jochie mijn koffer al op zijn nek en zo liepen we naar de taxi. Het was een soort Ford transit met airconditioning. Ik dacht de jongen erbij hoorde, maar die had zijn eigen zaak en eiste zijn beloning. Omdat ik nog niet aan de grote bedragen gewend was gaf ik hem veel te weinig. Uiteindelijk werd het Rp. 2.000.

De reis naar Jakarta was een belevenis. De chauffeur vertelde van alles en doorspekte dit met woorden Nederlands. Dat had hij van zijn vader, die KNIL militair was geweest. Zelf was hij eind 50 en had dus nog iets van de Nederlanders mee gekregen. Voortdurend wees hij op allerlei projecten van Suharto - auto merken, gebouwen, de tolwegen - en begon dan hartelijk te lachen terwijl hij zei: Suharto meneer Rotzooi meneer. Wat mij opvalt is dat er links wordt gereden, terwijl je in een voormalige Nederlandse kolonie rechts zou verwachten. Wel is de eenheid kilometer per uur. Dus het metrisch stelsel wordt gehanteerd.

Het hotel dat de chauffeur in gedachten heeft is in de buurt van Sumenep en Tanah Abang, de plekken waar ik gewoond heb. Het is hotel Sabang en bevindt zich vlak bij het Indonesische Nationale monument. Het is een middle-class hotel met alle belangrijke voorzieningen. De chauffeur loopt mee naar de kamer en de bediende laat mij zien dat alles werkt, inclusief de TV. Hiervoor kwam ik niet naar Jakarta, maar ja zo gaat dat. Als alles in orde is verdwijnt de bediende en betaal ik de chauffeur. Langzaam begin ik vertrouwen te krijgen in de prijzen. Deze zijn vastgesteld en worden niet opgeschroefd. Een fooi hier en daar is voldoende.

Nu ik eindelijk alleen ben en mij op mijn gemak voel, pak ik de koffer uit en ga de eerste plannen maken. Ik neem de kaart in mij op en bedenk dat Sumenep het meest voor de hand ligt en de grootste kans iets te vinden, overigens zonder een foto van het huis te hebben. Niet te ver weg en een goede gelegenheid om de omgeving te verkennen en te wennen aan het normale straatleven. Op straat is het behoorlijk warm en het zweten begint. Gelukkig heb ik een zakdoek bij me, die al snel doornat is. De straten moet je in etappes oversteken en gedecideerd zijn dan remmen ze vanzelf af. Ik val blijkbaar aardig op want uit de ooghoeken zie ik de een na de ander naar mij kijken. Ik denk dat hier niet veel buitenlanders komen, die te voet door de armoedige straten lopen. Als ze hier al komen dan met een becak of taxi. (tijdens mijn latere reizen ontdek ik dat dit de plek is waar de meeste buitenlanders bivakkeren, want het is vlak bij Jalan Jaksa).

Zonder noemenswaardig probleem loop ik richting Sumenep. De kaart zit goed in mijn hoofd en het lijkt net of ik dit traject eerder heb afgelegd. Na een half uur tot drie kwartier ben ik op de Jalan Sumenep vanaf de centrumzijde. Rechts is een stuk groen langs de Cideng, een kali. Het groen lijkt ongerept met allerlei bomen die flink wat schaduw geven. De kali is smerig en stinkt. Er zitten wat kinderen in te spelen en eentje zit er te poepen. Aan deze zijde staat een lange rij taxi’s te wachten op klanten. De chauffeurs begrijpen niet wat die vreemde buitenlander daar doet, maar spreken mij niet aan. 

Jalan Sumenep 17, anno 1998
Links staan de huizen met aan het begin van de straat kraampjes en karretjes met allerhande etenswaren. Ik loop de straat in en stel vast dat dit de oorspronkelijke huizen moeten zijn. Mogelijk hier en daar wat aangepast, maar ze zien er uit alsof ze daar al tientallen jaren staan, dus moet ik het huis kunnen vinden. 

Aanvankelijk dacht ik dat het nummer 16 was en dat huis lijkt aardig gemoderniseerd en mogelijk verbouwd. Ik neem een paar foto’s en loop verder. Dan ontdek ik dat er op mijn briefje staat nummer 17.

Het huis op 17 ziet er authentieker uit dan op 16. Ook weer een paar foto’s nemen. Er is niet veel te zien door een groot hek dat er voor staat, maar ik ben overtuigd dat dit het is. Omdat de nummers in de straat keurig opeenvolgend zijn en er geen kantoorpanden zijn te vinden is mijn conclusie dat het straat- en nummerplan ongewijzigd zijn gebleven en dat ik dus precies heb gevonden wat ik zocht. Voldaan loop ik via een andere route terug naar het hotel.

De helft van de missie zit er al na een halve dag Jakarta op. Voor het eerst na jaren neem ik een heerlijk bad (ik prefereer een douche), kleed mij om en ga naar beneden voor een biertje en het eerste diner. De menukaart is eenvoudig, diverse soorten rijst en besluit een nassi goreng te nemen, met een paar flessen bier. 

Na het eten maak ik een wandeling in de buurt en kom in een eenvoudige winkelstraat. In een textiel zaak zie ik een keur aan T-shirts met lokale opdrukken voor een paar gulden per stuk. Ik neem mij voor er later een aantal te kopen. Daarna moe en voldaan op tijd naar bed.

Printfriendly

Contact Form

Name

Email *

Message *